Download PDF
Pensioen
trouwen
Eigen pensioen
Wie met pensioen gaat, heeft recht op een wettelijk pensioen. Dat is onderdeel van de sociale zekerheid. Elke werknemer en zelfstandige betaalt sociale bijdragen op zijn loon/inkomen en heeft daardoor bij het einde van zijn loopbaan recht op het wettelijk pensioen. Je kan ook een groepsverzekering hebben – een extra pensioen dat je werkgever je geeft – en je kan zelf aan pensioensparen doen, door elk jaar een bedrag te storten bij een erkend pensioenfonds of een pensioenspaarverzekering.
Gescheiden?
Als Mark en Roos getrouwd waren, heeft Roos recht op een pensioen, op basis van het werk van Mark, voor de jaren waarin zij zelf niet werkte of minder verdiende dan Mark. Zij krijgt dan als ‘echtgescheiden echtgenoot’ de helft van het gezinspensioen vanaf de feitelijke scheiding, als Mark werknemer of zelfstandige was en al gepensioneerd is.
Opgelet: zodra Roos hertrouwt, verliest zij het pensioen als ‘echtgescheiden echtgenoot’. Als haar nieuwe huwelijkt eindigt in een echtscheiding of haar nieuwe echtgenoot overlijdt, krijgt ze haar pensioen als ‘echtgescheiden echtgenoot’ opnieuw, tenzij Roos recht heeft op een overlevingspensioen vanuit haar nieuwe huwelijk.
Als Mark ambtenaar was, krijgt Roos na echtscheiding geen pensioen als 'echtgescheiden echtgenoot', maar kan ze vanaf de feitelijke scheiding een persoonlijk onderhoudsgeld vragen. Na de echtscheiding heeft zij geen recht op een pensioen als ‘echtgescheiden echtgenoot’, maar kan ze wel een uitkering aanvragen.
Partner overleden?
Gehuwden hebben recht op een overlevingspensioen. Als Mark overlijdt, krijgt Roos een overlevingspensioen. Om recht te hebben op zo’n overlevingspensioen moet Roos minstens 45 jaar oud zijn (tot 2013 mocht zij ook jonger zijn) en moet zij minstens een jaar getrouwd zijn met Mark op het ogenblik van zijn overlijden, tenzij ze samen een kind hadden of tenzij Mark overleden is door een arbeidsongeval of een beroepsziekte. Als Roos jonger is dan 45 op het ogenblik van Marks overlijden heeft zij recht op een uitkering van één jaar in plaats van een overlevingspensioen. Het bedrag van zo’n overlevingspensioen hangt af van het feit of Mark gepensioneerd was of niet.
Als Mark en Roos gescheiden zijn, en Roos ontvangt reeds een pensioen als ‘echtgescheiden echtgenoot’, dan blijft zij, ook na het overlijden van Mark, dat echtscheidingspensioen krijgen in plaats van een overlevingspensioen.
Als Mark ambtenaar was en Roos dus geen recht had op een pensioen als ‘echtgescheiden echtgenoot’, heeft zij wel recht op een overlevingspensioen. Voorwaarde daarbij is dat noch Mark, noch Roos op de datum van overlijden hertrouwd was.